Wie behoort er tot de middenklasse?

Gisteren was er eindelijk een begrotingsakkoord. Groen en N-VA hekelen dat de extra inkomsten vooral betaald moeten worden door de middenklasse. Het gaat dan om extra lasten op sparen en een loonbevriezing (eigenlijk eerder  een behoud van de koopkracht, want lonen zullen blijven stijgen met de inflatie).

Let wel, de eerste 1.800 euro intresten op een spaarrekening blijven vrijgesteld van de extra belasting. Voor een koppel is dat 3.600 euro. Tegen de hoogste spaarinterest op de markt (2,65%) betekent dit een spaarkapitaal van meer dan 136.000 euro. Bij een grootbank zoals KBC en ING krijg je wat minder (2%) en moet je al een kapitaal van 180.000 euro verzameld hebben wil je geraakt worden door de extra belasting.

De vraag is dan: behoor je met een gespaard kapitaal van pakweg 180.000 euro tot de middenklasse of niet? Ik zou denken van niet.

Toch zullen er ongetwijfeld mensen zijn die zich wel tot de middenklasse voelen met een dergelijk kapitaal. De grens van de middenklasse is dan ook zeer subjectief. Dat bleek ook naar aanloop van de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Mitt Romney, de kandidaat voor de republikeinen, verklaarde dat een middeninkomen tussen de 200.000 en 250.000 dollar ligt of minder (bruto per jaar voor een gezin). Toen Romney vervolgens zijn belastingplan voorstelde en daarbij beweerde dat dit plan de belastingen op de middenklasse niet zou verhogen, bleek dat dit mathematisch niet klopte als je uitging van de grens voor de middenklasse van 200.000 dollar. Daarvoor moest de grens voor de middenklasse zakken tot 100.000 dollar.

Een op het eerste gezich meer objectieve manier om de topklasse van de middenklasse te onderscheiden is te kijken naar de inkomensgrens vanaf dewelke de overheid de maximale belastingsvoet hanteert. De topklasse begint dan vanaf het  inkomensniveau dat onderhevig is aan het hoogste belastingtarief. De ondertaande figuur geeft deze inkomens grens (blauwe balkjes), evenals het marginale toptarief.

In Ierland behoor je al vanaf 32.800 euro tot de topklasse. Ierland heeft wel maar twee tarieven, namelijk 20% tot 32.800 euro en 41% boven deze grens. De volgende in de rij is België: hier wordt je belastbaar inkomen boven 35.000 belast tegen het toptarief van 50%.  Enkel Nederland heeft een hoger tarief (52%) maar wel maar vanaf 55.700 euro of ruim 20.000 euro boven dat van België. De volgende in de rij zijn Oostenrijk, Finland en Frankrijk waar de topklasse volgens deze regel begint vanaf 60.000 (tegen 50%), 68.200 (tegen 30%) en 70.800 (tegen 41%). (Voor Frankrijk is recent beslist om de inkomens boven 1 miljoen euro te belasten tegen 75% wat volgens mij rechtvaardig kan zijn)

Als we nog verder kijken dan zien we dat het inkomen dat onderhevig is aan het toptarief voor de andere landen snel boven de 100.000 euro of dollar stijgt en nooit meer belast wordt dan 50%. Enkel de UK had een tarief van 50% boven 150.000 pond, maar is voor 2012 verlaagd naar 45%.

We kunnen dus stellen dat men in België volgens het inkomen zeer snel tot de topklasse behoort en dat dat ‘topinkomen’ bovendien zwaarder belast wordt dan veel andere landen. Bovendien betaal je in België al 45% belasting op een jaarinkomen boven 18.000 euro, een belastingvoet dat je in Duitsland pas bereikt als je meer dan 250.000 euro verdient. Anderzijds lijkt het wel mee te vallen als het aankomt op belasting op kapitaal: je voelt de huidige extra belasting pas als je meer dan 180.000 euro hebt gespaard.

Zie ook een vorige post over de hoge belastingen voor de middenklasse, zonder dat er in België veel kansen gegeven worden aan de onderklasse.

2 thoughts on “Wie behoort er tot de middenklasse?

  1. Permalink  ⋅ Reply

    Luc Van Braekel

    January 5, 2013 at 10:49am

    Het artikel lijkt impliciet van de veronderstelling uit te gaan dat iedereen zijn spaargeld eerst op spaarboekjes belegt tot de vrijstellingslimiet bereikt is, en dan pas gaat uitkijken naar andere beleggingen. Omdat de roerende voorheffing op aandelen niet werd verhoogd, laat ik deze beleggingsvorm even buiten beschouwing. Termijnrekeningen in vreemde valuta, soms interessant om je tegen muntrisico’s te beschermen, vallen wel onder de verhoogde roerende voorheffing. Ondernemers die persoonlijk geld voorschieten aan hun bedrijf en daar intresten voor aanrekenen, vallen daarvoor ook onder de verhoging van 15 naar 25%. Intresten op staatsobligaties eveneens, met uitzondering van de Leterme-staatsbons. Ik begrijp wel wat de auteur wil duidelijk maken, maar eigenlijk vertrekt hij vanuit het standpunt van een luie spaarder die zijn spaargeld op een passieve manier laat staan.

  2. Permalink  ⋅ Reply

    Thonny Dendas

    October 11, 2016 at 2:15pm

    Waarom de BTW niet verhogen naargelang iets duurder wordt tov het gemiddelde?
    Voorbeeld: een auto
    tot €20000 21% btw
    tot €50000 33%btw
    < 50000 50%btw

Leave a Reply

Your email will not be published. Name and Email fields are required.